Vandaag en deze week zetten we onze weg voort, na de opstanding van onze Heer nog meer een weg van Hoop! Hoe zetten de leerlingen hun eerste stappen op die weg? Eline valt bij het lezen van Johannes 20:19-23 van de ene verbazing in de andere. Daar staat: Op de avond van die eerste dag van de week waren de leerlingen bij elkaar; uit angst voor de Joden hadden ze de deuren op slot gedaan. Jezus kwam in hun midden staan en zei: ‘Vrede zij met jullie!. Na deze woorden toonde Hij hun zijn handen en zijn zij.
Bij het lezen van Johannes 20:19-23 val ik van verbazing in verbazing. Jezus is gestorven en de discipelen zitten bij elkaar. Met de deur op slot, uit angst. Dat verbaast me. Dit waren toch de mensen die Jezus gevolgd waren, vol vuur en verwachting? En nu, zo kort na zijn dood, zitten ze bij elkaar, verlamd door angst. Terwijl Jezus hen hierop had voorbereid. Maar misschien spreekt hier juist hun diepe menselijkheid. Geloven blijkt kwetsbaarder dan we soms denken.
Dan volgt mijn tweede verbazing. Jezus komt bij hen binnen. Jezus die dood was staat ineens in hun midden! Dat op zich is toch al een wonder van ongekende proporties. En toch is dat blijkbaar niet genoeg. Jezus laat zijn handen en zijn zij zien, als bewijs van dat Hij het echt is.
In het evangelie van Lucas gaat het nog verder. Ook het zien van de wonden is niet voldoende. Jezus vraagt om eten en eet het voor hun ogen op, om te laten zien dat Hij echt leeft. In het evangelie van Marcus lezen we ook dat Jezus hun hun halsstarrigheid en ongeloof verwijt. Het ongeloof van de discipelen blijft me verbazen. Ze wisten toch wie Jezus was?
Maar misschien verbaast Jezus’ reactie me nog wel meer. Ja, Hij benoemt hun ongeloof, maar Hij blijft er niet in hangen. Hij komt hen tegemoet. Hij helpt ze over de drempel van hun ongeloof heen.
Dat doet me denken aan de woorden uit Marcus 9:24, waar Jezus in gesprek is met een vader van een heel ziek kind. Jezus zegt: ‘alles is mogelijk voor wie gelooft’ en de vader antwoord: ‘Heer ik geloof, maar kom mijn ongeloof tegemoet.’ En is dat niet precies wat Jezus ook in het bijbelgedeelte van vandaag doet? Hij komt het ongeloof van zijn discipelen tegemoet. Niet met verwijt alleen, maar met nabijheid, geduld en liefde.
Misschien is dat ook wat Hij vandaag wil doen bij jou en mij. Want op deze weg van hoop word ik soms ook overvallen door ongeloof. Ja, zelfs op deze tweede paasdag. Want is het niet een ongelooflijk verhaal? Een man zonder zonde, gestorven aan een verschrikkelijke dood, om ons te redden. Als ik dit alleen met mijn verstand probeer te begrijpen, loop ik vast. En precies daar bid ik datzelfde gebed: Heer, ik geloof, kom mijn ongeloof tegemoet.
Wat mij hoop geeft, is dit: zelfs bij mensen die zo dicht bij Jezus leefden, was ongeloof aanwezig. En toch haakt Jezus niet af. Integendeel. Hij blaast zijn Geest over hen uit, vertrouwt hen zijn vrede toe en stuurt hen de wereld in.
Niet omdat ze zo sterk geloven, maar omdat Hij zo trouw is, ook vandaag nog.
God is niet op zoek naar perfecte mensen met een perfect geloof. Hij zoekt mensen die bereid zijn, juist midden in hun imperfectie.
Zo vervolgen we samen onze wandeling over de weg van hoop. En waar de weg soms langs je eigen grenzen voert, fluister dan dit gebed terwijl je verdergaat: Heer, ik geloof, kom mijn ongeloof tegemoet. Ik weet zeker dat onze God van hoop je daarin tegemoet wil komen.
Podcast: Play in new window | Download