Gooi het over een andere boeg

Toen het al ochtend werd stond Jezus op de oever. Maar de leerlingen wisten niet dat het Jezus was. Hij riep: ‘Hebben jullie iets te eten, jongens?’ ‘Nee’, antwoorden ze. Gooi het net uit over de andere kant van het schip, riep Jezus, ‘dan lukt het wel.’

Het is 8 april. We leven in de week na Pasen. De opgestane Jezus brengt nieuw leven. Nieuwe hoop! Een levende hoop, vertrouwd herkenbaar en tegelijk totaal nieuw. De tekst is vandaag uit Johannes 21:1-12. Derk Jan zet ons vandaag stil bij de aanwijzing van Jezus om het over een andere boeg te gooien.

Er is iets veranderd.

Voor zijn lijden en sterven trok Jezus dagelijks met zijn leerlingen op. Ze liepen samen over stoffige wegen, aten samen, sliepen onder dezelfde hemel. Ze wisten waar ze Hem konden vinden. Na zijn opstanding is dat anders. In het slot van het Evangelie van Johannes verschijnt Jezus niet voortdurend. Hij komt en gaat.

Hij is er.

En tegelijk ook weer niet zoals vroeger.

Die verandering is lastig voor zijn leerlingen. Want wat betekent het om leerling te zijn van Iemand die wel leeft, maar niet meer naast je loopt zoals eerst?

En hoe doe je dat dan? Het kan je onzeker maken.

Vaak als je niet meer weet wat je moet doen, als je je onzeker voelt, val je terug in oude gewoontes, patronen en zekerheden.

En dus gaat Petrus vissen. Ook hij valt terug op het oude en vertrouwde leven.

Is dat niet heel herkenbaar? Je hebt Pasen gevierd en vol overtuiging gezongen dat Hij leeft. En toch val je weer terug in oude patronen. Gewoon doen wat je altijd deed. Omdat je niet goed weet hoe het nieuwe leven eruitziet. De opstanding bevrijdt ons niet automatisch van oude gewoontes.

De leerlingen vissen de hele nacht.

Ze vangen niets. 

Dan, bij het aanbreken van de dag staat Jezus op de oever. Ze herkennen Hem niet direct. Er is wel iets vertrouwds in die stem. In elk geval genoeg voor Petrus om, als de man het zegt, het net over een andere boeg te gooien…

Gooi het over een andere boeg. Dat gaat niet alleen over het net van de leerlingen. Het is ook alsof Jezus zegt: Gooi je leven over een andere boeg. Niet terug naar hoe het was, naar het oude vertrouwde. Ga verder waar we samen gebleven waren.

Drie jaar heeft Jezus hen gevormd. Ze kennen zijn woorden. Ze kennen zijn weg. Hij laat hen niet los. Hij is anders aanwezig. Niet meer voortdurend naast hen, maar als de Levende die hen toevertrouwt wat Hij hen geleerd heeft.

We leven na Pasen. Dat Jezus is opgestaan, betekent niet dat alles weer wordt zoals vroeger.

Het betekent dat het nooit meer hetzelfde zal zijn.

Er is een nieuwe werkelijkheid. Daarin is Jezus niet minder aanwezig, Hij is anders aanwezig. Ook wanneer wij Hem niet meteen zien en herkennen. We mogen leren luisteren naar die stem die iets vertrouwds en herkenbaars heeft.

Het wonder zit niet in betere netten, maar in luisteren naar Zijn stem.

Op de weg naar Pasen leerden we dat hoop door het lijden heen gaat. Nu, na Pasen, ontdekken we dat hoop betekent: leren leven vanuit een nieuwe werkelijkheid.

Jezus is opgestaan. Zijn Koninkrijk is begonnen, ook al is het nog niet voltooid. Dat betekent niet dat alle vragen verdwijnen. Het betekent dat we in vertrouwen de weg van hoop mogen vervolgen, ook wanneer we nog niet alles zien. Zo gaan we verder, gedragen door een levende hoop.

Omdat Jezus leeft.

En Hij staat al op de oever van elke nieuwe dag.