Vandaag is het de eerste dag van de veertigdagentijd. We zijn onderweg en beginnen onze reis in de woestijn, waar het volk Israël leert vertrouwen. Onze reis start met het moment van vertrek van het volk Israël uit Egypte. ‘Zo moeten jullie het eten: met je gordel om, je sandalen aan en je staf in de hand, in grote haast. Dit is een maaltijd ter ere van de HEER, het pesachmaal.’ klinkt het in Exodus 12:11. Wouter, verbonden aan Verre Naasten, verwoordt iets van de diep dramatische betekenis van dit pesachmaal en het heilig avondmaal van nu.
‘Is het avondmaal vandaag? Nee, hè!’
Als kind vond ik het vreselijk als er avondmaal was in onze kerk. Dat betekende gegarandeerd een lange, saaie dienst.
Het ‘lopend avondmaal’ was nog niet uitgevonden. Voorin de kerk stonden lange tafels waar steeds een groepje gemeenteleden het avondmaal vierde. Met serieuze, stemmige gezichten. Dat herhaalde zich zo’n vier of vijf keer. Altijd maar weer dezelfde viering, met dezelfde woorden. Als kind zat je erbij en keek ernaar.
Het werd pas leuk, als er wat misging. Bijvoorbeeld als de dominee rode wijn op het witte avondmaalskleed morste (of op zijn eigen overhemd). Of als twee mensen onhandig tegen elkaar aan botsten bij het teruglopen. Meestal gebeurde er niets. Het was altijd hetzelfde: saai, eentonig en voorspelbaar.
Hoe anders moet het eerste pesachmaal (waar ons avondmaal op gebaseerd is) geweest zijn. Het pesachlam moest in grote haast gegeten worden. Niet zittend of liggend, zoals ze gewend waren. Maar staand en startklaar. Met je gordel om, je sandalen aan en de staf in de hand: in opperste staat van paraatheid. Elk moment kon het sein van vertrek klinken. ‘Kom, we moeten gaan!’ Ik vermoed dat de aanwijzingen die Mozes en Aäron aan het volk moesten doorgeven, voor een zinderende spanning hebben gezorgd. Eindelijk gaat het gebeuren. Deze nacht nog! Bevrijding uit Egypte. Verlost van de farao. Eindelijk vrij.
Dat er écht iets op het spel staat, laat ook het lam zien dat geslacht moet worden. Er zal die nacht bloed vloeien. De farao zal het volk niet zonder slag of stoot laten gaan. Er zal strijd gevoerd worden op leven en dood. Ten diepste een geestelijke strijd – niet voor niets worden de Egyptische goden genoemd (vers 12). Alle machten van de duisternis komen in opstand, als de HEER verschijnt. God zelf zal voor zijn volk strijden en de Egyptenaren straffen. Het pesachlam verwijst daarnaar. Onze God is bereid om zichzelf in de strijd te werpen. Vergeet dat nooit!
Wat het nóg spannender maakt, is dat de Israëlieten van geluk mogen spreken dat ze zélf in leven blijven. Jazeker, God belooft dat Hij aan hen voorbij zal gaan als de Egyptenaren gestraft worden (alle eerstgeborenen zullen sterven die nacht). Maar dat betekent niet, dat de Israëlieten ‘de goeden’ zijn en de Egyptenaren ‘de slechten’. Zo simpel ligt het niet. Het kwaad heeft zijn weg gevonden naar het hart van álle mensen, ook van hen. Het is pure genade dat ze deze nacht overleven. ‘Maar jullie zal ik voorbijgaan.’ Dankzij Gods grote liefde. En het bloed van het lam. Ternauwernood gered!
Het eerste pesachmaal moet dus razend spannend zijn geweest. Zal het lukken te ontsnappen? Hoe zal de farao reageren? Zullen we het zélf overleven, als God strijd voert met de machten van het kwaad? Tijdens de avondmaalsvieringen die ik als kind heb meegemaakt, was daar niets van te merken. Nu hoor je mij niet zeggen dat we de manier waarop we avondmaal vieren radicaal moeten veranderen. Het kan je wél helpen als je de viering van het avondmaal bewuster probeert te beleven. Bijvoorbeeld door van tevoren een moment te pakken, ter voorbereiding. Om te mediteren over hét Lam dat geslacht is. Hoe reageer jij als je de volgende keer avondmaal viert in jouw gemeente?
Podcast: Play in new window | Download