Hoe is het met je?

Vandaag is het 28 februari en dag 10 van de veertigdagentijd. Hoe is het met je? Dat is een vraag die regelmatig terugkeert in je leven. En wat zeg je dan? Ingrid Plantinga van Kerkpunt, wijst ons op Mozes en zijn schoonvader Jetro die op bezoek komt. Hoe verloopt het gesprek tussen hen?

‘Hoe is het met je?’ Wat antwoord je? Ga je vertellen hoe het echt met je is? Of maak je je er makkelijk vanaf met woorden als ‘Prima hoor!’ of ‘Druk, druk’.

Er zijn mensen die altijd een zonnig verhaal vertellen, bij wie het leven fantastisch lijkt. Vaak is dat maar een deel van de waarheid. Door de schone schijn op te houden, roepen ze het gevoel wakker dat jouw leven maar weinig voorstelt in vergelijking met dat van hen.

Er zijn ook mensen die juist heel goed echt kunnen zijn als je vraagt hoe het gaat. Zo goed, dat je die vraag maar liever niet stelt. Straks komt er weer zo’n klaagzang. Over de kinderen, de partner, de gezondheidsklachten die niet over gaan, de problemen op het werk…

In Exodus 18 krijgt Mozes bezoek van zijn schoonvader. Nu leeft Mozes niet bepaald op een roze wolk. Hij trekt met een heel volk door de woestijn. Ze leven in tenten en het vinden van voldoende water en voedsel is steeds een uitdaging. Ze worden ook nog eens aangevallen door vijandige volken… De Israëlieten zijn er eerlijk over: dit is geen leven! Ze klagen wat af bij Mozes. En Mozes doet zijn beklag bij God.

Maar Jetro komt niet omdat hij Mozes zo zielig vindt. Hij heeft gehoord over de geweldige dingen die God voor Mozes en het volk gedaan heeft. Daar wil hij meer van weten!

Mozes hoeft niet de schone schijn op te houden voor zijn schoonvader alsof het leven in de woestijn fantastisch is. Hij hoeft ook geen klaagzang te houden over alle ellende die hem overkomt. Hij mag getuigen van de grote daden van God! God heeft hen met droge voeten de rode zee laten oversteken! God heeft bitter water zoet gemaakt! God heeft brood uit de hemel laten regenen! Jetro is diep onder de indruk van wat Mozes allemaal vertelt. In Exodus 18:9-11 staat:

Jetro verheugde zich erover dat de HEER Israël zoveel weldaden had bewezen en hen had gered uit de handen van de Egyptenaren. ‘Geprezen zij de HEER, dat Hij jullie uit de macht van de Egyptenaren en de farao heeft bevrijd,’ zei hij, ‘dat Hij het volk bevrijd heeft van de onderdrukking door de Egyptenaren, door wie jullie met zoveel minachting behandeld zijn. Nu zie ik in dat de HEER machtiger is dan alle andere goden.’

Samen brengen ze offers aan God. Jetro, Mozes, Aäron en alle oudsten. Ze staan stil bij wat God voor hen gedaan heeft en vieren dit samen.

Dus de volgende keer dat iemand aan jou vraagt hoe het met je is, kies dan niet voor de schone schijn of de klaagzang, maar vertel wat God in jouw leven doet. Getuig van wat Hij voor jou betekent. Hoe Hij jou geholpen heeft in moeilijke momenten. Hoe Hij voor je zorgt en aanwezig is in jouw verdriet. Hoe Hij jou kracht geeft om door te gaan. Welke zegeningen je van Hem krijgt in je persoonlijke leven, je werk, je gezinsleven, je gemeente.

Neem de tijd te vieren wat God voor jou gedaan heeft en wat Hij jou gegeven heeft. Eerst eens alleen, zodat je je bewust wordt van zijn aanwezigheid, zijn daden en zijn zegeningen. Maar daarna ook samen met anderen. Deel wat God voor jou betekent. Zodat een ander door jouw leven en getuigenis heen onder de indruk kan raken van de goedheid van God.