Podcast

Kom niet met smoesjes bij God (dag 27)

Kom niet met smoesjes naar God. Het is de 27e dag in de lijdenstijd. Hoe geven we? Je hoort een bijdrage van Peter Wierenga hierover.

Deze podcast gaat over de – vaak ongemerkte – excuses die we bedenken om vooral niet te veel geld weg te geven. En over de manieren die we gevonden hebben ons eigen geweten te sussen dus niet gul te zijn. 

Op allerlei momenten dat een appèl op je wordt gedaan kan dat gebeuren. Er zit een straatkrantverkoper bij de supermarkt die je een krant aanbiedt met daarnaast een doos met zijn lunch en een blikje bier. Of er valt alweer een acceptgiro op je mat. En op het journaal zie je beelden van een grote ramp, te groot om te bevatten haast.

En op het moment dat je zoiets ziet of hoort klinkt er dat stemmetje in je hoofd. Het komt met allerlei uitvluchten

  • Als ik help is dat toch maar een druppel op een gloeiende plaat
  • Als ik geef, dan blijft-ie drinken, ik kan het beter niet doen
  • Waarom zou ik helpen? Die problemen zijn toch zijn eigen schuld 
  • Er zijn ergere situaties dan deze. Dus dit hoeft dan niet 
  • Dat is best wel veel gevraagd. Ik mag zelf toch ook genieten! 
  • Ik heb net enkele andere uitgaven gepland, het komt nu even niet uit.

Wanneer je kind met dat soort uitvluchten zou komen om z’n huiswerk niet te doen, wist je wel. Het is zo veel? Dan zou ik maar gauw beginnen! Anderen doen het ook niet? Jammer dan, jij wel! Mag ik niet eerst even ontspannen en buiten spelen? Natuurlijk mag je naar buiten, maar eerst je huiswerk maken!

Bijzonder is dat. Als het over ons geld gaat, worden wij die pubers. Dan komen wij met smoezen naar onszelf om niet te doen wat God wil wel wil. Daaronder lijkt een diepe weerstand te zitten om afstand te doen van wat van ons is. En omdat we dat verzet in onszelf eigenlijk ook niet goed vinden, bedenken we goed of vroom klinkende uitvluchten.

En dan is daar onze God. Hij heeft vanaf de zondeval onze smoezen gehoord en doorzien voor wat ze zijn. Hij is bekend met de donkere kelder waar al die excuses ontstaan. Met geduld en liefde wil hij ons opvoeden en kan je dan stevig terecht wijzen:

De Vader zegt streng tegen zijn kind: Als jij niet aan een ander geeft, waarom denk je dan dat ik jou wel iets zou geven?

De Zoon kan zeggen: Discipel, zie MIJ daar eens zitten als een dakloze! 

En de Geest vraagt: Zeg, tempel waar ik in in wil wonen, wat doe je met mijn gaven?

Ga Gods weg van liefde. Vorm je hart naar dat van de vrijgevige vader. Kies de route van de zichzelf opofferende zoon. Deel uit van de gaven die de Geest je geeft.

Wanneer je dan naar boven gaat met je huiswerk en roept, ik heb het gedaan! Dan zegt je Vader:  Goed gedaan! Zalig ben je … Je hebt met je ogen niet weg gekeken. Je hebt je geweten niet laten sussen en in jou klopt mijn hart. Je bent duidelijk mijn kind!

Lees vandaag Lucas 14:18 en 1 Johannes 2:28.